
In de horeca ligt de nadruk vaak op het werkuniform: representatief, herkenbaar en verplicht via het arbeidsreglement. Maar los daarvan gelden er ook echte PBM-verplichtingen, gericht op veiligheid in plaats van uitstraling. In deze gids maken we dat onderscheid duidelijk en overlopen we welke PBM in de horeca wettelijk verplicht zijn.
Sinds 1 september 2024 geldt binnen Paritair Comité 302, bevoegd voor de horecasector, een vernieuwde cao die een strikt onderscheid maakt tussen werkuniform, werkkledij en PBM. Een werkuniform, bijvoorbeeld voor zaal- of keukenpersoneel, dient om personeel herkenbaar te maken en valt niet onder de PBM-regelgeving. PBM, zoals snijbestendige handschoenen of veiligheidsschoenen, dienen daarentegen uitsluitend voor de veiligheid van de werknemer. Voor PBM is het advies van de preventieadviseur, de arbeidsgeneesheer en het eventuele Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk vereist, dit geldt niet voor een gewoon werkuniform.


Wanneer de risicoanalyse uitwijst dat er gevaar bestaat op uitglijden, bijvoorbeeld in een keuken of afwasruimte, ben je als werkgever verplicht gesloten, afwasbare schoenen met een antislipzool te voorzien. Dit sluit rechtstreeks aan bij bijlage IX.2-2 van de Codex, die uitdrukkelijk verwijst naar afwaskeukens en wasserijen als omgevingen waar beschermingsschoeisel noodzakelijk is. Deze schoenen worden dan als PBM beschouwd, je kan als werkgever niet kiezen voor een geldelijke vergoeding in de plaats.
Wie vlees uitbeent met een mes, is volgens de Codex verplicht een snijbestendige handschoen te dragen. Ook bij ander snijwerk met messen is een aangepaste snijhandschoen sterk aan te raden, ook al schrijft de wet dit niet voor elke situatie letterlijk voor, de algemene zorgplicht van de werkgever blijft gelden.
Bij het manipuleren van hete vloeistoffen, oliën of vetten die de voorkant van het lichaam kunnen doorweken of verbranden, is een beschermschort verplicht. Voor contact met hete voorwerpen, zoals ovens of frituren, zijn hittebestendige ovenhandschoenen aangewezen. Bij risico op spatten of wegspringende deeltjes, bijvoorbeeld bij het uitbenen, moet ook een veiligheidsbril of gelaatsscherm ter beschikking staan.
Voor onderhoudspersoneel dat met reinigingsproducten werkt, bepaalt het veiligheidsinformatieblad van elk product of PBM zoals chemisch bestendige handschoenen nodig zijn. Dit sluit aan bij de algemene regels rond chemische agentia uit boek VI van de Codex.
Meer weten over de algemene basis achter PBM-verplichtingen? Lees onze complete gids voor persoonlijke beschermingsmiddelen.
Nee. Een werkuniform dient om personeel herkenbaar te maken en valt onder een aparte cao van Paritair Comité 302. PBM, zoals snijhandschoenen of antislip schoeisel, dienen uitsluitend voor veiligheid en vallen onder de Codex over het Welzijn op het Werk.
Nee. Wanneer antislip schoeisel als PBM beschouwd wordt op basis van de risicoanalyse, ben je verplicht dit effectief te voorzien. Een geldelijke vergoeding in de plaats is niet toegestaan.
De Codex verplicht dit expliciet voor het uitbenen met messen. Voor ander snijwerk is een snijhandschoen sterk aanbevolen en vaak onderdeel van een zorgvuldige risicoanalyse, ook als de wet dit niet altijd letterlijk oplegt.
Vind je antwoord snel en gemakkelijk op onze FAQ pagina.
Als Vanatex-klant geniet je van exclusieve voordelen en houden we je op de hoogte van de nieuwste trends.